Posts tonen met het label Tennis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tennis. Alle posts tonen

woensdag 5 december 2012

Kamervragen Bruins Slot (CDA) over matchfixing in de topssport


Vragen van het lid Bruins Slot (CDA) aan de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Veiligheid en Justitie over matchfixing in de topsport (ingezonden 30 november 2012).

Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Sluiter gepolst voor matchfixing», en het artikel in NuSport waarnaar in het artikel verwezen wordt?

Vraag 2
Hoe rijmt u de uitspraken van de heer Sluiter met uw eerdere beweringen dat er geen aanwijzingen zijn dat matchfixing bij Nederlandse sporters of in Nederland voorkomt?

Vraag 3
Bent u ervan op de hoogte dat in het kader van het onderzoek naar match-fixing een mogelijkheid is gecreëerd om anoniem melding te doen van matchfixing, en dat een geval zoals in het artikel genoemd in aanmerking zou kunnen komen voor melding? Kunt u aangeven wat met een dergelijke melding gedaan zou worden?

Vraag 4
Wordt de mogelijkheid om een anonieme melding te doen van matchfixing alleen tijdens het onderzoek opengesteld of blijft deze mogelijkheid ook daarna bestaan?

Vraag 5
Welke actie kunt u ondernemen op oudere meldingen van matchfixing? Welke deskundigheid heeft het openbaar ministerie hiervoor?

Vraag 6
Wat vindt u van het feit dat een sportbond zoals de ATP van deze strafbare feiten geen aangifte doet en het intern oplost?

Vraag 7
Hoe oordeelt u over de uitspraak van de heer Sluiter op Radio 1 (28 novem-ber 2012) dat hij van mening is dat tennis op dit moment niet schoon is?

Bron: HIER

donderdag 6 september 2012

The court of arbitration for sport (CAS) confirms life ban imposed on David Savic for match fixing

Lausanne, 6 September 20122 -The Court of Arbitration for Sport (CAS) has rendered its
decision in the arbitration bettween the Serbian tennis player David Savic and the Professional
Tennis Integrity Officers (PTIIOs). The CAS has confirmed the decision of the Anti-Corruption
Hearing Officer (AHO) to rule that David Savic be permanently ineligible to participate in any
event organised or sanctioned d by any tennis governing body. However, the CAS has decided to
set aside the fine of $100,000 which had been imposed on the player.
In 2010 the Tennis Integrity Unit (TIU) initiated an investigation against David Savic further to
evidence it had received that hhe had made invitations to another tennis player to fix the outcome
of tennis matches. The same information was provided to the Anti-Corruuption Hearing Officer
(AHO) who ruled on 30 Sep ptember 2011 that the player had committed a corruption offence
under the Uniform Tennis Anti-Corrpution Program (UTAP) rules. He rule ed that David Savic be
declared permanently ineligib ble to participate in any event organised or sa anctioned by the tennis
governing bodies and ordered him to pay a fine of $100,000.
On 27 October 2011, David Savic filed a statement of appeal with the CAS requesting that such
decision be annulled, together with the sanctions imposed on him. A CAS panel composed of Dr
Dirk-Reiner Martens, Germanny (President), the Hon. Michael J. Beloff QC, United Kingdom
and Mr David W. Rivkin, USA, was appointed to hear this matter. The CAS Panel heard the
parties and their experts/witnesses either in person or via video-conferenc ce at a hearing held at
the CAS headquarters in Lausanne on 29 March 2012.
The CAS Panel rejected the Player's arguments and concluded that the disputed facts had been
proven not only by a preponderance of the evidence, but indeed to th he Panel's comfortable
satisfaction. Accordingly, consistently with the AHO, the CAS Panel found that David Savic had
committed corruption offences under the UTAP rules.

Press release CAS HERE

zaterdag 14 april 2012

Ontbinding trainingsovereenkomst met Tennis academie en geen verzilverbare populariteit speelster



De feiten
TAR exploiteert een tennisschool. TARj geeft tennisonderwijs, begeleidt top- en wedstrijdtennissers en talentvolle jeugd en organiseert tennisevenementen. Voor de opleiding van talentvolle jeugd heeft zij de “Loot-opleiding” ontwikkeld. Dit is een zeer kostbare tennisopleiding om talenten klaar te maken voor het professionele tennis. Een vader heeft zijn minderjarige dochter voor deze opleiding aangemeld. Partijen hebben in verband daarmee de “Overeenkomst tussen Tennis Academy Rotterdam B.V. en de deelnemers aan de “Loot”-opleiding” gesloten. Nu is het zo dat na enige tijd de twee trainers verantwoordelijk voor deze opleiding van TAR zijn vervangen voor een andere trainer. De vader van het meisje vindt dat deze lang niet hetzelfde niveau wordt behaald als met de oude trainers en weigert daarom om nog te betalen voor de opleiding.

Het geschil
TAR vordert dat de rechtbank bij vonnis veroordeelt om aan TAR te betalen: een bedrag van          € 28.000,00 vermeerderd met de wettelijke rente en een bedrag van € 1.158,00 ter zake buitengerechtelijke kosten;

TAR legt het volgende aan haar vordering ten grondslag: Het meisje heeft volop van de door TAR geboden opleiding en begeleiding gebruik gemaakt. Begin maart 2008 heeft haar vader laten weten dat zij haar tennisopleiding elders wilde voortzetten in verband met het vertrek van de trainers. Vanaf dat moment heeft zij geen gebruik meer gemaakt van de door TAR geboden faciliteiten. De tussen partijen gesloten overeenkomst is aangegaan voor de bepaalde tijd van 27 september 2004 tot 4 november 2009, de datum waarop het meisje de achttienjarige leeftijd bereikte. Op grond van artikel 7 van de overeenkomst heeft TAR aanspraak op de maandelijkse doorbetaling van € 500 tot 1 oktober 2008 en op het tot dan toe door TAR geïnvesteerde bedrag. Dit komt neer op minimaal € 24.000,00. TAR betwist dat zij als gevolg van het vertrek van twee trainers niet meer aan haar verplichtingen kon voldoen.

De vader voert het volgende verweer:
TAR heeft zijn dochter een kwalitatief verantwoorde tennisopleiding gegarandeerd. Zijn dochter is de huidige jeugdkampioene tot 18 jaar en behoort tot de beste 36 speelsters van de wereld. Door het vertrek van een groot aantal spelers en gediplomeerde trainers voldeed TAR niet meer aan haar verplichtingen. De trainers die voor de oude trainers in de plaats zijn gekomen, beschikten niet over de vereiste trainerslicenties en evenmin over jarenlange ervaring in het trainen en begeleiden van getalenteerde jeugdspelers.

De beoordeling
De kern van het geschil betreft de vraag of de tussen partijen overeengekomen opleiding en begeleiding door TAR, met het vertrek van de oude trainers en de komst van de nieuwe, nog het niveau had dat het meisje en vader op grond van de overeenkomst mocht verwachten. De rechtbank is van oordeel dat dit niet het geval is. Zij neemt bij haar oordeel als uitgangspunt dat volgens de eigen stellingen van TAR de door haar ontwikkelde “Loot-opleiding” voorziet in de opleiding van toptalenten tot aan hun 18 jarige leeftijd. Dat brengt met zich dat, waar het gaat om de ontwikkeling van jonge toptalenten, aan die opleiding en trainers de hoogste eisen mogen worden gesteld. Het is immers een feit van algemene bekendheid dat juist die levensfase bepalend is voor de ontwikkeling van een talent. De rechtbank is van oordeel dat de vader voldoende heeft onderbouwd dat TAR na het vertrek van de trainers niet meer aan die hoogste eisen heeft voldaan. De vader heeft onweersproken gesteld dat de nieuwe trainer niet beschikte over trainerslicenties en diploma’s en evenmin over jarenlange ervaring in het trainen en begeleiden van getalenteerde jeugdspelers.

De rechtbank wijst de vordering van TAR af.

Tevens eiste de vader in reconventie dat TAR zou stoppen met het gebruik van het portret van de speelster. Artikel 21 Auteurswet 1912 bepaalt dat openbaarmaking van een portret niet geoorloofd is voor zover een redelijk belang van de geportretteerde zich daartegen verzet.
Vraag is of de speelster een redelijk belang, in dit geval verzilverbare populariteit
De rechtbank is van mening dat de speelster in een nogal beperkte kring bekend is en de commerciële betekenis van dat gebruik dus ook beperkt is. Om die reden acht de rechtbank het commerciële gebruik van de foto’s slechts in zo geringe mate toegespitst te zijn op - en voort te vloeien uit - de identiteit van de speelster dat daaruit het bestaan van een verzilverbare populariteit niet kan worden afgeleid.
Wel verbiedt de rechter het verder gebruik van o.a haar portret omdat de speelster terecht niet geassocieerd wenst te worden met de tennisacademie.

De uitspraak staat HIER


donderdag 29 maart 2012

Geen aansprakelijkheid voor ongeval tijdens tennisles



De feiten
Neways is werkgever van A. Op 1 juni 2004 heeft zich een ongeval voorgedaan tijdens een tennisles op de tennisbaan van  Neways waarbij A oog- en hersenletsel heeft opgelopen. Tijdens de tennisles, gegeven door een trainer van Neways, heeft een speler op enig moment een bal geslagen die vrij kort over het net kwam. B is toen naar het net gesprint en heeft de bal, in zijn loop rechtdoor in de richting van A geslagen. A was op dat moment achter de baseline van de baan ballen aan het rapen. Toen A vanuit gebukte houding omhoog kwam en zijn gezicht naar het net draaide, kreeg hij de door B geslagen bal in het gezicht op het oog. Hij is even buiten bewustzijn geweest. In het ziekenhuis werd aanvankelijk alleen oogletsel vastgesteld. Later bleek A ook hersenletsel te hebben opgelopen. 

Het geschil
A en Neways vorderen dat B aansprakelijk is voor de schade als gevolg van het tennisongeval en veroordeling van B tot betaling van schadevergoeding; Hier valt ook onder de netto-loonschade die Neways heeft omdat A niet kan werken.  
Neways voert hiertoe aan dat B handelde in strijd met het doel van de opgedragen spelvorm, te weten een tennisles waarbij de spelers het spel rustig vanachter de baseline gaande moeten houden door de ballen diagonaal met topspin over en weer te slaan.
Bij vonnis van 21 februari 2007 heeft de rechtbank de vordering afgewezen. 

De beoordeling
Het hof oordeelt als volgt. 
Gedragingen die buiten de spelsituatie als onvoorzichtig en daarom onrechtmatig zijn aan te merken, behoeven binnen een spelsituatie niet als zodanig te worden beschouwd omdat de deelnemers aan het spel in redelijkheid tot op zekere hoogte gevaarlijke, slecht gecoördineerde, verkeerd getimede, onvoldoende doordachte handelingen of andere gedragingen waartoe het spel uitlokt van elkaar hebben te verwachten (HR 20 februari 2004,NJ 2004, 238). 
Het hof is van oordeel dat de in dit geding omstreden gedraging van B is aan te merken als een gevaarlijke, slecht gecoördineerde, verkeerd getimede en onvoldoende doordachte handeling waartoe het spel, in dit geval het tennisspel, uitlokt. Derhalve is die gedraging jegens A niet aan te merken als een onrechtmatig handelen. 

De beslissing
Het hof: 
bekrachtigt het vonnis van de rechtbank van 21 februari 2007.

De uitspraak staat HIER

maandag 26 maart 2012

Geen onrechtmatige hinder door baanverlichting tenniscomplex



De feiten
De eisers wonen naast tenniscomplex van Tenniscentrum Oldenzaal. De eisers ondervinden hinder van de baanverlichting van het tenniscomplex.

Het geschil
De vraag in dit geschil is of eisers als directe buren van het tenniscomplex hinder van de baanverlichting ondervinden, en is deze hinder als onrechtmatig aan te merken? Ter beoordeling van deze vraag heeft de voorzieningenrechter zich op 16 november tussen 20.00 en 21.00 uur persoonlijk van de situatie ter plaatse op de hoogte gesteld. De waargenomen omstandigheden kunnen kort en zakelijk worden beschreven als volgt. De bomen tussen het tenniscomplex en de woning van de eisers waren gedeeltelijk, maar nog niet volledig vrij van gebladerte. Alle buitenverlichting van het tenniscomplex was ontstoken.
De woning van de eisers staat schuin tegenover het tenniscomplex aan de overkant van de straat. Hun onderlinge afstand bedraagt, ruw geschat, ongeveer 100 meter.
De voorzieningenrechter heeft de lichtinstraling in de woonruimte van de eisers vanaf het tenniscomplex bekeken vanuit verschillende kamers. Vanuit de kamers was het licht van het tenniscomplex door de bomen duidelijk zichtbaar. De intensiteit van het licht was echter niet groot, en duidelijk minder fel dan het licht van de openbare straatverlichting ter plaatse. Ook in de tuin achter de woningen kon weliswaar licht van het complex worden waargenomen, maar minder fel dan aan de straatkant van de woningen.
De voorzieningenrechter kan zich wel voorstellen dat de eisers het licht van het complex niet fraai vinden, en het daarom hinderlijk vinden. De door de intensiteit van het licht van het complex ondervonden hinder acht de voorzieningenrechter niet erg groot. Het licht lijkt ook niet zo sterk dat het niet adequaat kan worden tegengehouden door normale gordijnen. In de tuin zou dit licht ook makkelijk worden tegengegaan door bijvoorbeeld beplanting

Beslissing
Er is dus geen sprake van ernstige hinder of overlast als gevolg van de gestelde lichtinstraling, dat de tennisvereniging en de gemeente onrechtmatig jegens de eisers handelen. Daaruit volgt dat de vordering niet kan worden toegewezen. Volledigheidshalve en voor alle duidelijkheid overweegt de voorzieningenrechter nog dat dit vonnis niets afdoet aan de verplichting van de tennisvereniging om zich te houden aan de tijden, gedurende welke het licht aan mag staan. Van de gemeente zou nog kunnen worden gevraagd om ervoor te zorgen dat de groenstrook met bomen tussen het tenniscomplex en de straat aan de zijde van de woningen van de eisers dicht met bomen beplant blijft.

De uitspraak staat HIER

woensdag 21 maart 2012

Tennisvereniging stapt uit de competitie en mag jaar later niet weer op zelfde niveau meedoen



De feiten
Tennisvereniging Groenekan heeft zich in 2008 teruggetrokken uit de Eredivisie Gemengd Proftennis georganiseerd door de KNLTB (Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond). Deze terugtrekking had als reden dat er geen duidelijkheid kwam over de speelperidoe.. Nu wil Groenekan meedoen aan de Eredivisie Gemengd Proftennis. Dit is niet mogelijk, want volgens het reglement moet na terugtrekking in de laagste klasse begonnen worden.

Het geschil
Tennisvereniging Groenekan vordert dat de KNLTB wordt bevolen om de Tennisvereniging alsnog toe te laten tot de Eredivisie Gemengd Proftennis 2009.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft Tennisvereniging Groenekan verklaard dat zij op het moment dat zij zich uit de competitie Eredivisie Gemengd Proftennis 2008 terugtrok bekend was met de regel dat bij terugtrekking alleen in de laagste competitieklasse weer begonnen kan worden.
De door Tennisvereniging Groenekan in dit verband aangevoerde omstandigheid dat de KNLTB lange tijd onduidelijkheid heeft laten bestaan over de vraag of de door haar voorgenomen wijziging van de speelperiode betreffende de Eredivisie Gemengd Proftennis zou worden ingevoerd en heeft nagelaten daarover duidelijkheid te geven binnen de door Tennisvereniging Groenekan gestelde termijn, is daarvoor niet redegevend voor het uit de competitie stappen.

Beslissing
Het was voor Groenekan ook mogelijk om een schriftelijk dispensatieverzoek te doen en zo niet in de laagste competitieklasse te starten.
De KNLTB heeft tijdens de mondelinge behandeling opgemerkt dat Tennisvereniging Groenekan dit verzoek nog steeds kan indienen, maar dat dit niet tot gevolg zal hebben dat Tennisvereniging Groenekan in 2009 zal mogen meedoen aan de Eredivisie Gemengd Proftennis. Wel bestaat volgens de KNLTB de mogelijkheid dat Tennisvereniging Groenekan in 2009 zal kunnen uitkomen in de hoofdklasse.  Er zijn geen feiten en omstandigheden gebleken die de conclusie kunnen dragen dat de KNLTB  naar aanleiding van een schriftelijk en met redenen omkleed dispensatieverzoek van Tennisvereniging Groenekan in redelijkheid niet zal kunnen besluiten dat Tennisvereniging Groenekan in 2009 niet zal kunnen uitkomen in de Eredivisie Gemengd Proftennis, maar wel in de hoofdklasse. Uit de dispensatiebepaling en de overige bepalingen in het Competitiereglement 2008 volgt niet dat de KNLTB indien zij gebruik wil maken van haar bevoegdheid om dispensatie te verlenen, dient te bepalen dat het teruggetrokken team weer in dezelfde klasse kan spelen als waarin zij op het moment dat zij zich terugtrok speelde. Indien de KNLTB gebruik wil maken van haar bevoegdheid om dispensatie te verlenen dan staat het haar vrij om in dat verband te beslissen dat het team dat zich voor of tijdens de competitie heeft teruggetrokken uitkomt in een hogere competitieklasse dan de laagste klasse. Dat dit het geval is, ligt besloten in de bepaling waarvan dispensatie wordt verleend, te weten de bepaling dat een ploeg die voor of tijdens de competitie wordt teruggetrokken in het volgende bondsjaar uitsluitend in de laagste competitieklasse mag worden ingeschreven. Het voorgaande leidt ertoe dat de vordering van Tennisvereniging Groenekan zal worden afgewezen.

De uitspraak staat HIER